Markering van gamellen en veldflessen vanaf 1928

De periode waarin de "echte" Belgische militair zich profileerde met casque Adrian en flochemuts (kwartiermuts)

Moderators: Exjager, piot1940, Bram1940

Bram1940
Mede-Beheerder
Berichten: 1818
Lid geworden op: 29 mei 2011 13:25

Markering van gamellen en veldflessen vanaf 1928

Bericht door Bram1940 » 30 dec 2020 21:24

Ik lees vaak dat verzamelaars hun gamellen en/of veldflessen trachten toe te wijzen aan een eenheid op basis van een typische markering van een letter gevolgd door een cijfer. Deze letters verwijzen echter NIET naar de eenheden zoals dat bepaald werd in een verder verleden.

Een omzendbrief of circulaire van 4 januari 1928 brengt duidelijkheid. Deze circulaire stipuleerde dat de markering van de gamellen en de veldflessen voortaan anders moest. Daar waar het gebruikelijk was om vóór deze datum de eenheid erop te vermelden met de letter die verwees naar de eenheid, met de geijkte afkorting van de eenheid en/of het stamboeknummer van de militair, was dit vanaf deze datum niet meer toegestaan.

Voortaan moest er een permanent nummer in geslagen worden door hetzij:
- le magasin centrale d'équipement (het centraal uitrustingsmagazijn)
- l'usine de réparations aux vêtements et objets usagés (de herstellingswerkplaats gebruikte uitrusting)
- les magasins d'équipement (de uitrustingsmagazijnen (U.M.))

De definitieve markering van de nummering werd aangebracht met een grootte van 2,5mm, voorafgegaan door een letter te beginnen met :

- A1 voor de gamellen en veldflessen die binnengebracht werden bij de herstellingswerkplaats, ieder met een aparte nummering. De nummering gebeurde doorlopend en zonder limiet;
- voor de nieuwe gamellen en veldflessen die vanaf die datum aangekocht werden door het leger, moest het centraal uitrustingsmagazijn een nummering aanbrengen te beginnen bij B1 tot B99999, gevolgd door C1 tot C99999 enzovoort;
- de ongebruikte gamellen en veldflessen die in voorraad waren bij de uitrustingsmagazijnen op die datum, moesten gemarkeerd worden volgens het uitrustingsmagazijn waar ze zich bevonden:
--- U.M. nr 1: S1 tot S...
--- U.M. nr 2: T1 tot T...
--- U.M. nr 3: U1 tot U...
--- U.M. nr 5: V1 tot V...
--- U.M. AéM: W1 tot W...
--- U.M. Br AA: X1 tot X...
--- U.M. TTr: Y1 tot Y...
--- U.M. R.C.F. - Z1 tot Z...

De andere markeringen die op de oudere exemplaren al stonden, moesten niet verwijderd worden.

In elke eenheid die het equivalent was van een compagnie werd een lijst bijgehouden met de nummers van alle gamellen en alle veldflessen in de eenheid met daarbij de naam van de militair.

Op het eerste zicht en uit de beschikbare exemplaren lijkt het erop dat de Gendarmerie niet onder deze maatregel viel. De gamellen en veldflessen droegen daar meestal het stamboeknummer van de gendarm aangezien deze toch veel langer dienst zou doen bij één en dezelfde persoon.

Bron, Journal Militaire Officiel, 1928, p. 34-35

Een gamel model 1896 ex-14de Linie:
IMG_7412.jpg

Gamellen voor bereden troepen met markering beginnend met A en eentje met S:
158 8195 A58696 8A 1.jpg
192 11219 5333 4T 1.jpg
A9595.jpg
A116511S7530 2.jpg

De infanteriegamel van het nieuw model:
A61984 1.jpg

Het volgende exemplaar heeft toch twee markeringen volgens de omzendbrief van 1928. Vermoedelijk is deze eerst gedeclasseerd geweest, hersteld en terug in gebruik genomen met een nieuwe nummer (GPC = Grand Parc de Campagne):
IMG_7405.jpg
IMG_7406.jpg
IMG_7407.jpg

Met letter B:
IMG_7426.jpg

Met letter C:
IMG_7408.jpg

Met letter D:
IMG_7410.jpg

Met letter S:
IMG_7416.jpg

Twee markeringen waaronder met letter V:
IMG_7438.jpg

Met een niet nader omschreven markering:
IMG_7431.jpg

Groeten,
Bram
Je hebt niet voldoende permissies om de bijlagen van dit bericht te bekijken.

Plaats reactie

Terug naar “1915-1940, de “echte” Belgische Piot - le "vrai" Piot belge”